Uitstel samenvoegen WGA-vast en WGA-flex

01-04-2015

Inleiding wet-_en_regelgeving (1-4-2015)


De wet BeZaVa, de Wet Werk en Zekerheid, de Participatiewet. Er is de laatste tijd veel op u afgekomen als werkgever. In toenemende mate bent u als werkgever verantwoordelijk voor de arbeidsongeschiktheid van uw werknemers. Sterker nog, u bent zelfs verantwoordelijk voor de arbeidsongeschiktheid van uw ex-medewerkers.

Na de grote wijzigingen uit bovengenoemde wetten waarmee u als werkgever heeft te ‘dealen’, stond aanvankelijk de volgende grote verandering alweer voor de deur. Het samenvoegen van het WGA-vast- en WGA-flexrisico per 1 januari 2016. Onlangs heeft Minister Asscher de Kamer echter geïnformeerd over zijn voornemen om de integratie van de WGA-vast en de WGA-flex met één jaar uit te stellen tot 1 januari 2017. Verzekeraars en UWV hebben aangegeven meer tijd nodig te hebben om de risico’s in kaart te brengen.

Wat betekent dit uitstel voor u? Een extra jaar om af te wachten met welke verzekeringsoplossing verzekeraars komen. Een extra jaar om uw verzuimrisico’s op orde te brengen. Maar ook een extra jaar “overgeleverd” aan UWV voor wat betreft uw WGA-flexpopulatie.

Het uitstel betekent dat verzekeraars zich een jaar langer kunnen beraden op hun positie ten aanzien van het WGA-vast- en WGA-flexrisico. Wij zullen u uiteraard op de hoogte houden over de richting die verzekeraars opgaan. Niet alleen op het gebied van de tarieven, maar ook over de eisen die verzekeraars stellen aan het WGA-eigenrisicodragerschap per 1 januari 2017. Zo ligt het in de lijn der verwachting dat een WGA-eigenrisicoverzekering voor werkgevers die geen eigenrisicodrager zijn voor de Ziektewet niet mogelijk is. Dit heeft alles te maken met de grip die verzekeraars willen hebben op het mogelijke risico. Kortom, uw besluit over het WGA- en ZW-dossier 2016 is bepalend voor uw mogelijkheden in 2017. Private verzekeraars doen er steeds meer aan om het WGA-risico beheersbaar te krijgen. Vanuit de verzekeraar beredeneerd een logische ontwikkeling. Wij menen echter dat niet de verzekeraar, of welke externe partij dan ook, maar de werkgever hierin de regie moet nemen.

Cijfers uit de branche

Dat er nog veel te doen is op het gebied van de inzetbaarheid van medewerkers in de zorgsector bleek onlangs uit de cijfers die Vernet presenteerde. In 2014 is het verzuim in de zorgbranche gelijk gebleven aan 2013. In beide jaren kwam het verzuim uit op 4,9%. Het langdurig verzuim laat zelfs een stijging zien. Van 2,8% in 2013 naar 3% in 2014. Wat verder opvalt, is dat het langdurig verzuim in elke leeftijdsklasse stijgt. De categorie ouder dan 55 jaar stijgt het sterkst. Een verontrustende ontwikkeling, aangezien het aantal werknemers in deze groep groeit. Ook de WGA-instroom in de zorgsector behoort al jarenlang tot de hoogste in Nederland.

Hoewel het productief en inzetbaar houden van medewerkers in de zorg voor de meeste zorginstellingen een belangrijk speerpunt is, lukt het in de branche blijkbaar nog onvoldoende om grip te krijgen. Het beheersbaar houden van verzuim en arbeidsongeschiktheid vergt een structurele en doelgerichte aanpak. Zo’n aanpak is alleen mogelijk als duidelijk is waar het probleem ligt. Speciaal voor zorginstellingen hebben wij – samen met een wetenschappelijk bureau – een  bedrijfsgezondheidsscan ontwikkeld die exact aangeeft welke gebieden ten aanzien van verzuim en arbeidsongeschiktheid aandacht behoeven.

Bedrijfsgezondheidsscan 

De scan is onderdeel van ons Bedrijfsgezondheidsmodel (BGM) en mondt uit in een maatwerkrapportage over de belangrijkste aspecten van de bedrijfsgezondheid. Zorginstellingen kunnen met behulp van de scan de prestaties van het eigen beleid vergelijken met het gemiddelde van de sector. De rapportage bevat een op maat gemaakt trajectplan dat de organisatie concrete aanknopingspunten biedt voor het terugdringen van de kosten als gevolg van verzuim.

De bedrijfsgezondheidsscan wordt uitgezet onder alle leidinggevenden van uw organisatie die bij  verzuim- en arbeidsongeschiktheid betrokken zijn. U krijgt een overall-rapportage van uw organisatie, waarmee u het verzuim- en re-integratiebeleid vorm kunt geven. Kortom, de scan kan de basis vormen van een gefundeerd besluit met het oog op 2017.

Een algemeen advies over WGA- en ZW-eigenrisicodragerschap is ondenkbaar. Maatwerk is in dit dossier vereist. Wij helpen u graag op weg…

En dan ook nog even dit: loonheffingennummers en eigenrisicodragerschap

In een eerdere editie van onze nieuwsbrief informeerden wij u over de grote gevolgen die het aanvragen van een nieuw loonheffingennummer kan hebben ten aanzien van het eigenrisicodragerschap voor de WGA en de ZW. Om eigenrisicodrager te zijn, is vereist dat u een garantsteller heeft. De garantsteller staat garant voor de betalingen van de WGA-uitkeringen aan UWV. Bij eigenrisicodragerschap geeft de verzekeraar een garantieverklaring af aan de Belastingdienst. Deze garantieverklaring is altijd gekoppeld aan een loonheffingennummer. Een wijziging van het loonheffingennummer heeft direct gevolgen voor het eigenrisicodragerschap. Een garantieverklaring vervalt namelijk als deze niet overeenkomt met het van toepassing zijnde loonheffingennummer.

Ook bij het aanvragen van een nieuw loonheffingennummer – bijvoorbeeld na een fusie en/of een organisatorische herindeling van verschillende werkmaatschappijen – zijn er belangrijke zaken waarmee u rekening dient te houden. Bij het aanvragen van het nieuwe loonheffingennummer moet bijvoorbeeld opnieuw het WGA-eigenrisicodragerschap worden aangevraagd bij de Belastingdienst én een garantieverklaring worden overgelegd door de verzekeraar voordat het personeel bij de nieuwe rechtspersoon in dienst treedt.

Overweegt u een nieuw loonheffingennummer aan te vragen of bent u voornemens te gaan ‘schuiven’ met bestaande loonheffingennummers, informeert u ons dan tijdig. Wij brengen voor u de gevolgen en mogelijkheden in kaart en ondersteunen u bij de procedurele afwikkeling.

Uitgelicht

  • 2019
  • 2018
  • 2017
  • 2016
  • 2015
  • 2014